Corporaties kunnen bijdragen aan rechtvaardiger woonbeleid

11 oktober 2017
Column/Blog

Corporaties kunnen bijdragen aan rechtvaardiger woonbeleid

Ruwweg zijn er drie groepen huishoudens op de woningmarkt. Hogere inkomens hebben een eigen woning of kunnen, eventueel met hulp van een rijke pa of ma, een woning kopen. Ze profiteren van de lage rente en hypotheekrenteaftrek. Zij betalen in gespannen woningmarkten zo’n € 77,- per vierkante meter woonoppervlakte. Gemiddeld besteden ze minder dan een vijfde van hun inkomen aan wonen.

Ronald Paping

De huishoudens met de laagste inkomens huren bijna allemaal en krijgen daarbij inkomensondersteuning. Ze betalen dan nog altijd € 66,- per vierkante meter. Ondanks de huurtoeslag slokt de huur gemiddeld 30% van hun inkomen op.

De derde groep zijn de huurders met een inkomen boven de huurtoeslaggrens tot anderhalf keer modaal. Zij zijn de grootbetalers, want zij betalen maar liefst
€ 86,- per vierkante meter. Afhankelijk van hun inkomen zijn de huurlasten 25% tot meer dan 30%.

Ik vind het onrechtvaardig dat we lage inkomens gevangen houden in zogenaamde sociale huurwoningen en hen meer laten betalen (zowel ten opzichte van de woningkwaliteit als het inkomen) dan huishoudens met hogere inkomens. Het enige sociale zit in de huurtoeslag, maar die biedt maar beperkt soelaas als we kijken naar de honderdduizenden hurende huishoudens die niet meer rond kunnen komen.

De oplossing ligt voor een groot deel bij een gelijke fiscale behandeling van huren en kopen; dus afschaffing van de hypotheekrenteaftrek en verhuurderheffing. Maar corporaties zijn ook zelf aan zet. Ze hebben momenteel voldoende financiƫle middelen voor forse huurverlagingen, zodat de relatie prijs-kwaliteit en de relatie woonlasten-inkomen weer gelijker worden voor de verschillende groepen huishoudens.

Ronald Paping
Directeur Woonbond

Reactie toevoegen